Ergens in het najaar van 1999 reed ik in mijn zwarte Alfa Romeo 146 (van de zaak) van de redactie van het kappersweekblad Panorama (in Haarlem) naar huis (in Lemmer) en gedurende die 124,9 kilometer dacht ik: krijg toch allemaal de kolere, ik ga voor mezelf beginnen!

Minder in de auto, geen gezeik meer van werkmijdende ‘collega’s’ niet meer die eeuwige vergaderingen, af van de politieke spelletjes en – last but not least – veel meer vrijheid en veel meer geld.

Die gedachte kwam niet zomaar op. Op de redactie van Panorama had de redactionele leiding, waarvan ik een onderdeeltje was, tussen de vorige en de nieuwe hoofdredacteur niet alleen vrienden gemaakt. En waar de nieuw verworven vijandjes geen tijd en energie hadden om lekker veel verhalen voor het blad te tikken (waarvoor ze wel vorstelijk betaald werden), vonden ze wel alle tijd om een ‘zwartboek’ op te stellen waarmee de nieuwe hoofdredacteur Frank Hitzert voldoende munitie had om mij (en een enkel ander collega-staflid) een schop in de lendenen te geven.

Dachten ze.

Maar wij waren niet zo dom om ons te gaan verweren tegen een document waarin vast wel ook dingen zouden staan die wél waar waren, dus we weigerden het zelfs maar te lezen. En Hitzert had geen zin om in zijn eerste werkweek oorlog te schoppen met de mannen die hem hadden aanbevolen bij de directie als nieuwe hoofdredacteur en aan wie hij zijn vlucht voorwaarts van de Goudsche Courant naar een toen nog best groot mannenweekblad ook een beetje te danken had. Eén conclusie trok ik toen wel: ik ging niet lang meer met die ratten op dezelfde loonlijst staan. Tot zover de negatieve motivatie om – zoals dat tegenwoordig heet – zzp’er te worden.

De positieve zat al langer in mijn hoofd.

Ik had in acht jaar bij de krantenuitgever Sijthoff Pers, anderhalf jaar bij het clubblad van de BOVAG en acht jaar bij het weekblad Panorama van mezelf, de tijd en sommige inspirerende collega’s heel veel geleerd. En als ik zag wat voor rekeningen freelancers die veel minder konden dan ik durfden te sturen, dacht ik weleens: ik ben me daar gek, met mijn salaris van rond de 6000 (toen nog) gulden. Want ik had een weeffout in mijn karakter: enerzijds wilde ik leiding geven, anderzijds wilde ik (een hinderlijk journalistentrekje) ‘blijven schrijven’. Beide mocht en kon bij Panorama, maar bij elkaar zorgde die ambitie er wel voor dat ik wekelijks zeker zo’n 70 uur aan de slag was (en compensatiedagen zijn voor losers). Als ik alles wat ik zelf schreef omzette naar wat we freelancers betaalden, was alleen mijn schrijfwerk al goed voor facturen van veel meer dan 6000 gulden per maand. En dan zouden, als ik voor mezelf begon, al die chef-uren (waarvan sommige heel irritant) vrijvallen voor leuke dingen. Leuke werkdingen, maar dan betaald. Of leuke gezinsdingen, ook wel eens aardig met twee opgroeiende jongens in huis. Hoe dan ook: veel meer keuzevrijheid in hoe ik mijn tijd ging besteden en onder welke voorwaarden.

En zo is het gekomen. Hoewel ik nadien nog diverse keren in loondienst ging omdat dat nou eenmaal moest bij die jobs, ben ik vanaf 1 december 1999 altijd in hart en nieren een zzp’er geweest en gebleven.

Doordat ik tussendoor nog een paar keer hoofdredacteur was, van Metro, Management Team en HP/De Tijd, heb ik beide kanten beleefd: die van de zzp’er en die van de opdrachtgever. Dat zul je bij het lezen van ‘Nooit meer loonslaaf’ merken. Wat ik niet pretendeer: dat je na lezing exact op de hoogte bent van alle belasting-, boekhoud- en verzekeringsregels. Wat ik wel pretendeer: dat je in de praktijk van alledag de fouten die ik heb gemaakt en gezien niet maakt en dat je wat handige tips onderweg opraapt. Daardoor ga je tijd winnen en dat is lekker. Want tijd is geld. Of tijd is genot. En als je af en toe een glimlach om je lippen krijgt bij het lezen van ‘Nooit meer loonslaaf’: helemaal goed! Uiteindelijk is namelijk dat waar het om draait in ieders leven: ’s ochtends vrolijk opstaan, ’s avonds weer vrolijk naar bed en tussendoor zoveel mogelijk genieten.

Nou ja, vandaar dus dit ebook (PDF)!