Meneer Derksen,

Wij hebben het bij de Dijkgraafjes regelmatig over het programma ‘Vandaag Inside’.

Gisteren appten mijn broer Jan en ik even over de uitspraak die u daarin deed over het Friese GroenLinks/PvdA-Kamerlid Habtamu de Hoop, die als acht maanden oude Ethiopische baby werd geadopteerd door een Fries echtpaar.

“Dat is geen Fries. Ik ben toch ook geen Surinamer?”, zei u.

Nu zijn mijn broer Jan en ik allebei op latere leeftijd in Friesland komen wonen en wij weten dus hoe het hier werkt.

Als je hier geboren bent, ben je voor altijd een Fries.

Als je elders geboren bent, word je in de ogen van de geboren Friezen nooit een Fries.

En als je ruzie krijgt met een Fries, ben je “in smoarge Hollander” (en in het geval van Habtamu de Hoop ongetwijfeld iets met ‘neger’).

(Advertentie)

Dus strikt formeel heeft u in de ogen van Friezen gelijk als u zegt dat Habtamu de Hoop geen Fries is.

Cultureel is hij dat natuurlijk wel; de man spreekt de Friese taal perfect en deed zelfs aan kaatsen.

En om uw drogredenering nog even helemaal af te pellen: al was u wél een Surinamer, dat zou dat niets zeggen over Habtamu de Hoop.

Wat mij betreft is déze uitspraak van u de mediarel niet waard.

Maar mijn broer Jan neemt het altíjd voor u op.

Of u nou trots vertelt wat u ooit met een kaars zou hebben gedaan bij een slapende vrouw…

Of dat u vlak na wat mijn broer Jan steeds “de grootste slachting op één dag op de Joden sinds de Tweede Wereldoorlog” noemt, roept “dat de Joden het er ook wel een beetje naar gemaakt hebben”…

Hij kán maar niet ronduit zeggen dat u een intens slecht mens bent.

Ik heb alle vormen van vergoeilijking van soms de meest bizarre uitspraken van u al voorbij zien komen.

(Advertentie)

“Och, het is Johan…”

“Och, hij weet heus wel beter…”

“Och, hij doet het voor de kijkcijfers…”

“Och, hij weet heus wel dat-ie in de blessuretijd van zijn carrière zit…”

“Och, dit is zijn manier om zijn grootste angst niet bewaarheid te zien worden: dat hij in de vergetelheid raakt…”

“Och, op een bepaald moment moet je blijkbaar je echte standpunten verloochenen om je zakken te kunnen blijven vullen…”

Ik snap daar weinig van, want meestal neemt mijn broer Jan mensen zoals u, die vol trots vertellen over wat ze met een kaars doen bij slapende vrouwen en zeker wat hij noemt “dat tuig van Hamas en hun apologeten”, behoorlijk de maat.

Maar mijn broer Jan zegt altijd: “Dankzij Johan Derksen en zijn dochter Marieke kon ik in 2014 mijn eerste biografie, over de Haagse hooligan Henk Bres, laten uitkomen bij de uitgeverij VI. En doordat die biografie vijf jaar later schaterlachend werd gelezen door de Meilandjes, schreef ik sinds 2020 al drie bestseller over de Meilandjes. Ik heb dus een belangrijke carrièremove aan Derksen te danken. En ik zal mensen die ik schatplichtig ben nóóit in het openbaar slopen. Dat is een erezaak. Ik hoop altijd maar dat mensen die ik ergens in hun carrière heb geholpen tegenover mij hetzelfde fatsoen hebben.”

(Advertentie)

“En als ze dat fatsoen niet hebben?”, vroeg ik ‘m laatst.

“Dan moet je doen wat René van der Gijp altijd zegt.”

“Geen idee wat René van der Gijp altijd zegt.”

“Gijp zegt altijd: ‘Laat gaan joh’. Gewoon negeren dus.”

“En dat kun jij?”

“Ik ben een oude man van 61, Keessie. Móeiteloos!”

Nooit te oud om dingen te leren dus, want vroeger was hij wel anders.

Misschien ook een idee voor u, meneer Derksen?

Hartelijke groet,

Kees Dijkgraaf

PS. Cadeautje. Want u heeft uw eigen tanden toch nog wel?

PS2. In de Nare Jongens Podcast waren Paternotte en mijn broer Jan weer aardig op dreef. Ik begreep de helft niet, maar het is een mooi stelletje aangevers!