Meneer Timmermans,

Ik was gisteren even terug in Bergambacht, de plaats waar ik het grootste deel van mijn jeugd doorbracht. U kent het misschien wel, van die andere timmermanszoon die er vandaan kwam.

In de Hoofdstraat kwam ik iemand tegen die ik nog kende uit de tijd dat ik PvdA-lid was, eind jaren ‘70.

Ze vroeg: “Snap jij waarom Frans Timmermans ons laat barsten, Jan?”

Ik had helaas weinig tijd, dus ik stelde een wedervraag.

“Weet jij hoeveel stemgerechtigde Joden er in Nederland wonen?”

“Die cijfers worden al decennia niet meer bijgehouden toch? Een stuk of 40.000?”

“Stemgerechtigden, hè. Enkele tienduizenden. En hoeveel stemgerechtigde moslims?”

(Advertentie)

“Misschien wel 500.000?”

“Veel meer. Volgens de NOS zo’n 700.000.

“Zo banaal kan het toch niet zijn?”

“Zo banaal is het juist wel.”

Tja, meneer Timmermans.

Dat gebeurt er dus als op de stoel van de principiële Joop den Uyl van toen een opportunistische machtswellusteling komt te zitten.

Groet,

JanD

PS. Cadeautje! U krimpt er vanzelf in komend jaar. Maar laat Kati Piri het maar niet zien.