Beste NRC-redactie,

Bij het 50-jarig bestaan van de Amsterdamse popzaal Paradiso in 2018 verscheen het boek ‘Paradiso 50 jaar – in 50 legendarische concerten’.

Het was, zoals dat met jubileumboeken gaat, een kritiekloze lofzang.

Het boek is geschreven door jullie muziekrecensente Hester Carvalho.

Vandaag staat op jullie website (en ongetwijfeld morgen in jullie krant) een recensie van het omstreden optreden dat het Britse punkrapduo Bob Vylan gisteravond gaf in Paradiso.

Die recensie is geschreven door jullie muziekrecensente Hester Carvalho.

Bob Vylan kreeg van jullie muziekrecensente vier van de vijf sterren.

Carvalho eindigt haar recensie als volgt:

(Advertentie)

“Het duo zorgde deze avond voor een balans tussen entertainment en boodschap. Knieheffend en rondspringend was Bobby de gul lachende zanger die zonder moeite de zaal liet dansen en crowdsurfen – En dat zelf ook deed. Maar net als hij is de aanhang verbolgen. Over de anti-immigratiemars die die dag was gehouden in Londen, over haatzaaiende mensen als Charlie Kirk, over de genocide in Gaza en de beschuldiging van ‘antisemitisme’ waar het om antizionisme gaat. Zo vonden publiek en artiest elkaar, niet alleen in muzikaal enthousiasme maar ook in hun overtuiging”.

Dus de heertjes van Bob Vylan én de 1500 aanwezigen in Paradiso vinden een mars voor de vrijheid van meningsuiting in Londen maar niks, worden woedend als hun antisemitisme ‘antisemitisme’ wordt genoemd, weten vóór het Internationaal Gerechtshof erover heeft geoordeeld al dat Israël genocide pleegt én pissen op het nog niet eens gevulde graf van de conservatieve Amerikaanse activist Charlie Kirk.

En dat noteert jullie muziekrecensente Hester Carvalho allemaal dusdanig kritiekloos, dat je zou denken dat ze zélf met een Palestina-vlag heeft staan dansen.

Wat jullie muziekrecensente dan weer ‘vergat’ te noteren?

(Advertentie)

Dat de (ik citeer) “gemoedelijke en grappige zanger Bobby Vylan” op het podium van Paradiso ook nog een ander statement maakte dan de in zijn kringen grijsgedraaide plaat “Death to the IDF” waarmee hij onlangs ook buiten zijn eigen bubbeltje bekend werd.

Hij zei namelijk in Paradiso, tot groot enthousiasme van de aanwezigen: “Fuck de fascisten, fuck de zionisten. Ga ze vinden op straat!”

Om ook deze gevaarlijke haatzaaiende kant van Bobby Vylan te leren kennen, waren we -hoe verrassend- afhankelijk van De Telegraaf, die geen als muziekrecensent vermomde activistische vriendin van Paradiso, maar een journalist naar het optreden had gestuurd.

“Ga ze vinden op straat!”

Het doet mij denken aan de Jodenjacht van 8 november 2024.

En aan die van de vorige eeuw ook trouwens.

Ik ben benieuwd of Femke Halsema morgen taart laat bezorgen op de NRC-redactie.

En of ze De Telegraaf bij een debat in de gemeenteraad over het antisemitische feestje in Paradiso weer een kat gaat geven.

Al is dat laatste een volstrekt retorische vraag.

Groet,

JanD

PS. Cadeautje! Dan schiet het een beetje op als Femke’s taart binnen is.