Mevrouw Ollongren,

Op 10 januari 2022 werd u minister van Defensie.

Dat u, letterlijk, het verschil tussen een sergeant en majoor niet kende, was voor de heldere geesten die u op die positie parkeerden geen bezwaar.

Wisten zij veel dat 41 dagen later, op 20 februari 2022, de oorlog tussen de gigantische schurkenstaat Rusland en de iets minder gigantische schurkenstaat Oekraïne zou beginnen…

We zijn inmiddels een kleine tweeënhalf jaar verder.

Wat we u in die tijd hebben zien doen?

Storten, storten en storten (van geld) en leveren, leveren, leveren (van materieel en militaire kennis).

Nederlanders met een gezond boerenverstand waren dolblij dat een schurkenstaat als Oekraïne op het moment dat de veel ergere schurkenstaat Rusland die oorlog begon géén lid was van de NAVO.

Want nu bleef het bij storten, storten, storten en leveren, leveren, leveren en gold niet het NAVO-verdrag waarin staat dat een aanval op één van ons een aanval op ons allen was.

Nu werd het niet ónze oorlog.

Nu werden onze jonge dienstplichtige mannen en vrouwen geen kanonnenvoer (met dat inferieure materiaal dat het Nederlandse leger door jarenlange verwaarlozing nog over had).

Is dat te veel gezond boerenverstand voor u?

Jazeker.

Want naast storten, storten, storten en leveren, leveren, leveren wilt u meer.

U wilt Oekraïne zo snel mogelijk alsnog in de NAVO.

U wilt Oekraïne zo snel mogelijk in de EU.

U wilt, kortom, dat het zo snel mogelijk alsnog onze oorlog wordt.

Met ons kanonnenvoer.

De ooit door het ministerie van Defensie opgerichte en nog altijd door de Staat gefinancierde denktank Clingendael presenteerde gisteren de zogenaamde ‘Clingendael Buitenland Barometer’.

Daarin werd een smerig trucje uitgehaald, zoals dat zo vaak gaat bij door de Staat gefinancierde ‘onafhankelijke’ instituten (bewijsstuk 4045).

Dat gebeurde bij de vraag of Nederlanders bereid zijn te vechten in een oorlog (door De Telegraaf ‘sneuvelbereidheid’ gedoopt).

Wat vroeg Clingendael?

“Bent u bereid om te vechten voor de verdediging van Nederland?”

Waarop 49 procent van de respondenten achter de veilige keukentafel antwoordde: ja (en 33 procent: nee).

En: “Bent u bereid om te vechten voor de verdediging van andere EU-landen?”

Waarop 27 procent van de respondenten achter de veilige keukentafel antwoordde: ja (en 51 procent: nee).

Wat het trucje is?

Die hele (lezenswaardige!) ‘Buitenland Barometer’ van Clingendael staat vol met teksten over Rusland en Oekraïne.

Maar de belangrijkste vraag ontbreekt.

Dat is de vraag of de Nederlandse bevolking als kanonnenvoer wil dienen voor úw hobby.

“Bent u bereid om te vechten voor de verdediging van een niet-EU-land als Oekraïne?”

Als die wel was gesteld, zou de krantenkop in De Telegraaf namelijk geluid hebben: ‘Nederlanders willen niet sterven voor Oekraïne’.

Met dan ergens ver weggestopt in het artikel misschien nog als nuancering: ‘met uitzondering van de Kamerleden Jan Paternotte (D66) en Derk Boswijk (CDA)’.

U zult inmiddels heus wel weten wat het verschil is tussen een sergeant en een majoor.

Maar om de Néderlandse bevolking geeft u nog altijd geen zier.

Groet,

JanD

PS. Cadeautje! Voor het eerstvolgende feestje.

PS2. Ondertussen verscheen ook de eerste Bösen Jungs Podcast van de Nare Jongens: de Europapapapa Special.