
Beste vrienden!
Ik had vannacht een rare droom.
Ik zag Hugo de Jonge.
Ik zag Hanke Bruins Slot.
Ik zag Steven van Weyenberg.
Ik zag oorlogshitser Kajsa Ollongren.
Ik zag Piet Adema.
Ik zag Conny Helder.
(Advertentie)
Ik zag Alexandra van Huffelen, met in haar kielzog 66 pigmentverwende mannen met voor hun leeftijd opmerkelijk losse heupen.
Ik zag Rob Jetten.
Ik zag Frank Weerwind.
Ik zag Christianne van der Wal.
Ik zag Carola Schouten.
Ik zag die vréselijke Pia Dijkstra.
Ik zag die Gräper-mevrouw.
Ik zag Maarten van Ooijen.
Ik zag Eric van der Burg.
En als laatste zag ik Mark Rutte.
(Advertentie)
Ze stopten allemaal hun persoonlijke eigendommen in een doos.
Ze werden door de beveiliging naar de uitgang begeleid voor een laatste ritje in hun dienstauto.
Toen ik aan de Straatweg in Eesterga de Nederlandse vlag in top aan het hijsen was, schrok ik wakker van allemaal toeterende automobilisten die met hun duim omhoog langs ons huis reden.
Vol hoop en optimisme.
Denken jullie dat ik de stemming waarin ik wakker werd vandaag ga laten verpesten door me te verdiepen in de schaduwkanten van aankomend premier Dick Schoof?
Jullie kunnen m’n rug op.
Morgen weer een dag!
Groet,
JanD
PS. Cadeautje! Want ik gun jullie dezelfde stemming.
PS2. In de nieuwe ‘Nare Jongens Podcast’ (afl. 169) was het weer een gezellige bende.



